MET BIJNA ONBESTAAND FINANCIEEL TOEZICHT EISTE DE AUDITOR VAN EEN GROTE GROEP DAT DE REKENINGEN VAN EEN VAN HAAR DOCHTERONDERNEMINGEN OP ORDE WERDEN GEBRACHT.
De auditor van een grote groep uitte bezorgdheden over de jaarrekening van een dochteronderneming. Het financiële toezicht op een van de dochterondernemingen van de groep was onvoldoende of zelfs onbestaand.
Ondanks de beperkte omvang van de dochteronderneming, het was essentieel om een oordeel met voorbehoud voor de dochteronderneming te vermijden. De dochteronderneming werkte op projectbasis, maar elke projectmanager werkte enigszins blind, met weinig zicht op kosten, winst en behoeften. Dit leidde tot voorzieningen voor onbestaande kosten, het niet afsluiten van afgeronde projecten en andere problemen. De auditor eiste daarom dat de rekeningen van de 15 belangrijkste projecten van de dochteronderneming in orde werden gebracht voor de afsluiting van het lopende boekjaar.
De moedervennootschap deed een beroep op Altesia om de financiële maturiteit van haar dochteronderneming te beoordelen en budgettaire orthodoxie te herstellen.